Ervaar zelf het verschil!

Vierkantemeterprijzen dalen minder hard dan prijzen koopwoningen

27 mei 2023

De vierkantemeterprijzen dalen minder hard dan de prijzen van koopwoningen. Dat blijkt uit het jaarlijkse onderzoek van weekblad EW en het Kadaster. Volgens het Expertisecentrum Woningwaarde is er ook zeker geen sprake van een vrije val op de koopwoningmarkt. Dat staat in de 41e Monitor Koopwoningmarkt.

De vierkantemeterprijzen van woningen dalen licht, maar van een neerwaartse spiraal is nog geen sprake, schrijven EW en het Kadaster. Die daling is ook minder sterk dan de daling van de gemiddelde koopsom van een huis. Deze lag vorig jaar in het eerste kwartaal op € 3.618, nu op € 3.605. Dat koopsommen sterker daalden dan vierkantemeterprijzen, wijst erop dat naar verhouding meer kleine huizen zijn verkocht. Makelaars met wie EW sprak, zien het aantal transacties weer wat toenemen en de markt herstellen. Hooguit staan huizen wat langer te koop en wordt er minder overboden.

Regionaal zowel dalende als stijgende vierkantemeterprijzen

Ingezoomd op regionaal niveau zijn zowel dalingen als stijgingen te zien in de vierkantemeterprijzen. In de vier grootste steden (Amsterdam, Den Haag, Utrecht, Rotterdam) zijn deze met 2,5% het sterkst gedaald. In de 45 grootste gemeenten, inclusief de ‘grote 4’, bedroeg de daling 1,5%. Opmerkelijk: in de rest van Nederland stegen de prijzen met 1,1%.

Het Kadaster geeft elk jaar op verzoek van EW inzicht in de situatie op de huizenmarkt. Daarvoor worden alle transacties per wijk in 2022 vergeleken met de jaren ervoor. In totaal werden 193.013 bestaande huizen verkocht. Voor de trendanalyses zijn alle transacties tot en met het eerste kwartaal van 2023 meegeteld.

5 belangrijke conclusies over de vierkantemeterprijzen

  1. De markt normaliseert: na een korte periode waarin de vierkantemeterprijzen daalden, lijkt de markt voorlopig te normaliseren. De vierkantemeterprijzen daalden in het eerste kwartaal van 2023 0,6% ten opzichte van een jaar eerder. Het sterkst daalden de prijzen in de vier grote steden (-2,5%). In gemeenten buiten de 45 grootste steden stegen de prijzen zelfs nog met 1,1%.
  2. Lokale verschillen: prijzen variëren sterk tussen wijken. Het Museumkwartier in Amsterdam was in 2022 met een vierkantemeterprijs van € 10.674 de duurste wijk in Nederland. Nieuweschans in de gemeente Oldambt met € 1.381 de goedkoopste.
  3. In zes wijken kwam de gemiddelde vierkantemeterprijs in 2022 uit boven de € 10.000. Deze wijken liggen allemaal in Amsterdam.
  4. Starters slaan toe: kopers worden jonger, het aandeel starters wordt groter. Er zijn veel alleenstaande starters in grote steden.
  5. Klein meer gewild: de verkoop van grote huizen neemt af ten opzichte van kleine. Oude én nieuwe appartementen zijn populairder.

Artikel gaat verder onder de afbeelding

 

Expertisecentrum Woningwaarde: woningmarkt meer ontspannen

In het eerste kwartaal van 2023 zette de daling van de koopprijzen van woningen verder door. Ook blijkt het aantal verkochte woningen in de bestaande woningvoorraad op een lager niveau uit te komen dan we in voorgaande jaren gewend zijn geweest. Maar volgens het Expertisecentrum Woningwaarde is er zeker geen sprake van een vrije val op de koopwoningmarkt.

De markt raakt wel meer ontspannen, waardoor de consument iets meer keuze krijgt en steeds vaker weer onder de vraagprijs durft te bieden. De geringe nieuwbouwproductie van koopwoningen en de aanhoudende bevolkingsgroei zorgen wel voor een toenemende vraagdruk, waardoor prijsstijgingen op de middellange termijn aannemelijk zijn.

De 41e Monitor Koopwoningmarkt over het eerste kwartaal van 2023 werd op 4 mei gepresenteerd door het Expertisecentrum Woningwaarde, onderdeel van de faculteit Bouwkunde van de TU Delft.

Bron: VastgoedActuuel - EW - TU Delft